Walt Disneyboeken


Uit Winterboek 1946 (klik op plaatjes om tekst te lezen)

Time Magazine 27-12-1937/ Time Magazine 27-12-1954

Ubbe Iwerks
Walt Disney en Ubbe Iwerks
Walter Elias Disney (05-12-1901/Los Angeles 15-12-1966) werd geboren in Chicago. In 1906 verhuist het gezin Disney met vier zoons naar een boerderij in Missouri, later wordt nog een dochter geboren. Op de boerderij helpen de twee jongste broers hun ouders en begint Walt te tekenen. In 1910 wordt de boerderij verkocht en koopt vader Elias een krantendistributiebedrijf. Ook hier wordt een beroep gedaan op de twee jongste zoons, maar Walt bleef tekenen en ging zaterdagochtendlessen volgen aan het Kansas City Art Institute. Hoewel pas 16 lukte het hem om dienst te nemen bij het Rode Kruis en na de wapenstilstand werd hij toegevoegd aan een militaire kantine in Neufchâteau. Hier verwierf hij zich spoedig een reputatie als de officieuze tekenaar van dat onderdeel. In 1919 keert hij naar de Verenigde Staten terug en vindt werk als reclametekenaar bij een plaatselijke studio. Hier raakt hij bevriend met een collega Ubbe “Ub” Iwerks (Kansas City Missouri 24-03-1901/Los Angeles 07-07-1971).

Iwerks familie was afkomstig uit Oost-Friesland, Duitsland. Zijn vader, Eert Ubbe Iwwerks, emigreerde in 1869 van het dorp Uttum naar de USA.
Ube Iwerks was een getalenteerd tekenaar die de belangrijkste medewerker van Disney zou worden aan het begin van zijn loopbaan. Al spoedig kwamen Walt en Ubbe op het idee voor zichzelf te beginnen. Ze boekten onmiddellijk een bescheiden succes, maar na verloop van tijd kwamen beide terecht bij de Kansas City Film Ad. Deze firma maakte wat we nu reclamespots zouden noemen voor plaatselijke bioscopen. Hierna maakte Disney na het maken van een eigen tekenfilm weer de stap om voor zichzelf te beginnen en produceerde een serie van zes gemoderniseerde sprookjes: Cinderella, The Four Musicians of Bremen, Goldie Locks and the Three Bears, Jack and the Beanstalk, Little Red Riding Hood en Puss in Boots.




Little Red Riding Hood, één van de zes gemoderniseerde versies van sprookjes uit 1922
Zijn staf bestond uit Ubbe Iwerks, Rudolf Ising, Hugh en Walker Harman, Carmen Maxwell en Red Lyon. In 1923 kwam hij in geldnood en maakte het filmpje Alice’s Wonderland . De gekozen techniek om gespeelde fragmenten aan een tekenfilm toe te voegen werkte uitstekend, maar het geld was op en hij moest zijn studio sluiten. Hij vertrok naar Hollywood, waar de reeks Alices Comedies succesvol werd. Rond 1927 werd duidelijk dat iets nieuws moest worden verzonnen om zijn studio economisch gezond te houden en zo ontstonden de Avonturen van Oswald the Lucky Rabbit. Oswald vertoonde al een aantal uiterlijke overeenkomsten met Mickey Mouse. Helaas kwam Walt Disney door een fatale fout in het contract met Charles Mintz in de problemen. De op goed geluk gekozen naam Oswald was eigendom van Mintz. Mintz wilde Oswald houden en had inmiddels ook al Disney’s beste mensen ingehuurd. In plaats van een beter contract zou Disney minder inkomsten ontvangen. Gedesillusioneerd vertrok Disney weer naar Californië.

Mickey Mouse

In 1928 maakt Mickey zijn debuut, als het resultaat van de gezamenlijke inspanningen van Ub Iwerks en Disney. Waarschijnlijk was Iwerks, ongetwijfeld de beste animator van zijn tijd, grotendeels verantwoordelijk voor Mickey’s uiterlijk. Mickey leek familie van Oswald, maar Iwerks maakte het figuurtje compacter, hetzij op eigen initiatief, hetzij op voorstel van Disney. Eind 1930 was Mickey een internationale beroemdheid geworden. In het boek van Christopher Finch “Walt Disney, Van Mickey Mouse tot Disneyland” (1975) wordt de gehele Disneystory beschreven. Dit boek is mede als bron gebruikt voor bovenstaande tekst. In 1931 verschijnt bij Dean & Son Ltd London het boek Mickey Mouse Movie Stories:
” To all the little friends of Mickey Mouse throughout the world to whom he hopes to bring more happiness by coming into their homes.” Walt Disney.
Daarnaast wordt in datzelfde jaar bij dezelfde uitgever de eerste van een reeks Mickey Mouse annuals uitgegeven.

In 1932 verschijnt Mickey Mouse bij Scheltens Giltay, Amsterdam in het boek “De Avonturen van Mickey Mouse”. Schrijver is J.P.J. H. Clinge Doorenbos.


Donald Duck
In 1934 verscheen Donald Duck voor het eerst in Amerika in een bijrol in de tekenfilm “The Wise Little Hen”. In The Wise Little Hen maakt het publiek kennis met een betrekkelijk bescheiden Donald Duck. Hij debuteert als een treurige figuur die op een wrakke woonboot woont en buikpijn voorwendt telkens als de Wijze Kip hem om hulp vraagt. Hiermee laat hij zich al dadelijk aan het begin van zijn carrière kennen als een nogal onbetrouwbaar en weinig achtenswaardig heerschap. Donalds snavel was wat langer dan hij nu is, maar hij had al dezelfde stem. En ondanks zijn slechtgehumeurde gekwaak en zijn opvliegend karakter is hij al snel geliefd bij het publiek en maakt hij spoedig de sprong naar grote rollen in Mickey Mousefilms.

In 1934 sloten Good Housekeeping Magazine en Disney een overeenkomst, die tien jaar succesvol zou verlopen. Good Housekeeping publiceerde in elke aflevering van haar tijdschrift een Disneypagina, en zou op die manier meeprofiteren van de groeiende populariteit van de Disneyfiguren en Disney op zijn beurt had de kans om de animatiecartoons te publiceren in een tijdschrift dat meer dan twee miljoen lezers had. In het nummer van april 1934 deden de Silly Symphonies hun eerste entree met “The Grasshoppers and the Ants”. Elk verhaal werd in versvorm verteld met allemaal nieuwe illustraties van Disneytekenaar Tom Wood.



Good Housekeeping augustus 1908/februari 1929/november 1943
In 1937 verschijnen er voor het eerst twee Walt Disney Annuals .
“The Walt Disney Annual” wordt uitgegeven door Whitman Publishing Company, Racine, Wisconsin en bevat 124 pagina’s in zwart-wit en een complete set van 8 gekleurde platen. Alle verhalen zijn gebaseerd op cartoons. De kleurenplaten zijn reprints van bladzijden uit het tijdschrift Good Housekeeping, zoals bijvoorbeeld Elmer de Olifant, de Grote Boze Wolf, de Drie Musketiers.



Daarnaast verschijnt in datzelfde jaar bij Collins in London “The Walt Disney’s Silly Symphony Annual” met 93 pagina’s en 8 ingevoegde bladzijden in vierkleurendruk. Silly Symphonies is een serie van 75 korte animatiecartoons, door Walt Disney geproduceerd tussen 1929 en 1939. Donald Duck kreeg zijn debuut in 1934 in een Silly Symphony-cartoon, namelijk The Wise Little Hen en in 1936 verscheen ook Pluto, zonder Mickey Mouse, in een Silly Symphony-cartoon.



Walt Disney’s Wonder Book 1940/ Donald Duck Annual 1943
Op 25 oktober 1952 kwam de Nederlandse versie van Donald Duck op de markt. Het eerste nummer van dit weekblad werd uitgegeven door Margriet en werd in een oplage van 2.500.000 exemplaren bij ieder gezin in Nederland per post thuisbezorgd. Daarna begon men met een oplage van 450.000 exemplaren. Het eerste nummer was voor de helft in kleur en voor de andere helft in zwart-wit en had 24 pagina’s. Het bevatte het verhaal Donald Duck als brandweerman. Abonnees van het tijdschrift Margriet kregen de kans voor 15 cent per nummer ook wekelijks de Donald Duck te ontvangen.



Klik op Bulletin om tekst te lezen.
Om het heuglijke feit van het verschijnen van de Donald Duck in Nederland feestelijk te vieren, schreef Margriet in de eerste aflevering van de Donald Duck een grote prijsvraag uit. Hieraan konden alle Nederlandse jongens en meisjes deelnemen. Voor de winnaars en winnaressen van deze prijsvraag stelde de Margriet-redactie 1000 polshorloges varierend in waarde van f 26,25 tot f 38,60 beschikbaar.


Donald Duck 1935/ Donald Duck 1952
De Nederlandse Donald Duck wordt de eerste jaren samengesteld met materiaal uit de Amerikaanse “Dell Comics”. Tot 1965 worden de Amerikaanse Disneystrips vertaald en integraal overgenomen. Sinds 1953 is er echter een Nederlandse tekenaar werkzaam voor het tijdschrift. Deze tekenaar, Eddy Lukacs, verzorgt met grote regelmaat covertekeningen en af en toe ook een stripverhaal. De Nederlandse inbreng wordt daarna uitgebreid. Redactieleden bedenken dan zelf de plotjes die uitgewerkt worden door free-lance tekenaars. Carol Voges, Henk Albers, Jan van Haasteren en Jan Steeman waren de eersten. In 1972 is zo’n tien tot twintig procent van de Disneystrips in Donald Duck van Nederlandse makelij, zowel qua tekst als beeld.
De geboorte- /verjaardag van Donald Duck
Klik hier voor bovenstaande tekst
(dubbeldisk Walt Disney’s Treasures “Donald’s Happy Birthday” (1949).
It’s March 13, Donald’s birthday. The boys are going to buy him a box of cigars, but they’re broke. They do a quick bout of yardwork and hit Donald up for the price of the cigars (without telling him why), but he makes them put it in a piggy bank. The problem: how to get the money without Donald catching them. Donald catches them buying the cigars but thinks they are buying them for themselves and forces them to smoke until they are sick the whole box.


Sneeuwwitje
Op 21 december 1937 verschijnt de tekenfilm Sneeuwwitje. Walt Disney kreeg het idee voor deze film toen hij pas 15 jaar oud was en als krantenjongen in Kansas City werkte. Hij zag een presentatie van een stomme-filmversie van dit sprookje, waarin de hoofdrol werd gespeeld door Marguerite Clark. De screening werd gehouden in de stedelijke Convention Hall in februari 1917 en de film werd geprojecteerd op een vierzijdig scherm. Hiervoor werden vier aparte projectoren gebruikt. De film maakte een enorme indruk op Disney, omdat hij vanuit zijn positie twee zijden van het scherm tegelijkertijd kon zien, en ze liepen niet helemaal synchroon.
Sneeuwwitje werd de eerste animatiefilm ooit. De kosten bedroegen $ 1.4 miljoen en met klassieke songs als “Someday my prince will come”, “Heigh Ho” en “Whistle while you work”was de film drie jaar in produktie en werden meer dan 750 artiesten ingehuurd. Uit de audities voor de stem van Sneeuwwitje koos Disney de zangeres Adriana Caselotti en Harry Stockwell deed de stem van de prins. De film kreeg in 1939 een speciale Academy Award, bestaande uit één full Oscar en zeven “dwerg”Oscars, allemaal aan Walt Disney gepresenteerd door Shirley Temple.

Filmposter Centra Film Dordrecht uit jaren ’40, getekend door Jacob Jansma
Sneeuwwitje en de zeven dwergen, L.J. Veen Amsterdam, 1953
Stripboekjes
In 1953 verschenen stripboekjes van Dombo, Alice in Wonderland en Sneeuwwitje met verhalen die waren voorgepubliceerd in Margriet.


Dombo in het circus, uitgever Geillustreerde Pers, 1953


Sneeuwwitje en de zeven dwergen, uitgever Geillustreerde Pers, 1953


Alice in Wonderland, uitgever Geillustreerde Pers, 1953

Donald speelt ijshockey, uitgever Geillustreerde Pers, 1955, prijs 65 cent
Plaatjesalbums
In de volgende jaren verschenen ook plaatjesalbums van Walt Disney.




Gouden Margriet Boeken


Sneeuwwitje 1954/ Alice in Wonderland 1955

Cinderella 1956/Pinocchio 1957 (f. 2,45)

De Schone Slaapster 1958
Tom Poes en Ollie B. Bommel
Het tijdschrift Donald Duck was in 1952 meteen een succes. Maar nog bekender dan de creaties van Walt Disney waren in die tijd Tom Poes en heer Bommel van Marten Toonder. Hun avonturen verschenen al vanaf 1941 in de Nederlandse dagbladen. En het was dan ook niet verwonderlijk dat drie jaar na het verschijnen van het weekblad Donald Duck beide figuren hun intrede deden in dit tijdschrift. Het eerste avontuur van Tom Poes werd weken van tevoren aangekondigd en op 1 oktober 1955 ging het eerste avontuur “Tom Poes en de toverleerling” van start. Tot 1969 verschenen er in totaal 58 avonturen van Tom Poes, die in afleveringen van vele weken werden gepresenteerd.
In 1957 verscheen Walt Disney’s Davy Crockett en andere verhalen en vanaf 1958 tot aan 1976 een reeks van 22 uitgaven van Donald Duck en andere verhalen. Davy Crockett uit 1957 en de edities van de Donald Duckverhalen uit 1958 en 1959 werden bewerkt door A.D. Hildebrand.

Davy Crockett 1957/ Donald Duck en andere verhalen 1958/ Donald Duck en andere verhalen 1959

Tom Poes en andere verhalen 1959/ Tom Poes en andere verhalen 1960

Broer Konijn 1961/ De Kleine Boze Wolf 1962/ Broer Konijn en Mollie 1963


Pamela L. Travers, Mary Poppins. Naar het Nederlands bewerkt door Han G. Hoekstra. Met foto’s uit de film van Walt Disney. Geillustreerde Pers 1966
A.A. Milne, Winnie de Poeh. Beer in het nauw en Iejoors verjaardag. Naar het Nederlands bewerkt door Han G. Hoekstra. Geillustreerde Pers 196.

Frans Grosfeld, Walt Disney’s Jeugdomnibus met driespannende, prachtig geillustreerde avonturenverhalen: Tonka de wilde hengst/ De ontvoering van David Balfour/Nomaden in het Noorden. Geillustreerde Pers 1966
Frans Grosfeld, Walt Disney’s Jeugdomnibus met driespannende, prachtig geillustreerde avonturenverhalen: Zoro, de gemaskerde redder/Trektocht naar het Wilde Westen/Toby Tyler in het Circus. Geillustreerde Pers 1967
Walt Disney’s Dierenboek
Tussen 1955 en 1967 verschijnt bij de Geillustreerde Pers de zesdelige serie Walt Disney’s Dierenboek. Onder redactie van Frans Grosfeld en later Han Rensenbrink. “De woestijn leeft” is door Piet Snoeren geredigeerd.

1955 Groot Wild in Afrika/ 1956 Bevervallei/ 1962 De Wereld van de Apen

1965 De Woestijn leeft/ 1966 In het land der Beren/ 1967 De kleine Wonderwereld van Mieren en Bijen
Pep, een pittig weekblad met Mickey en Kuifje

Pep een pittig weekblad met Mickey en Kuifje, nr. 1 6 oktober 1962/ De avonturen van Kuifje Raket naar de maan. Abonnee-uitgave voor nieuwe abonnee’s op het weekblad Pep. Uitgave van De Geïllustreerde Pers 1962
De eerste Pep verscheen op 6 oktober 1962 en werd uitgegeven door De Geïllustreerde Pers NV in Amsterdam. Op de cover staan Mickey Mouse en Kuifje die elkaar de hand schudden onder de kop: Mickey en Kuifje in Pep. Op de eerste pagina werd de naam Pep uitgelegd: ” Pep is een Engels woord voor pit, vuur, vaart en levenslust. Daarom is Pep een blad met pep”. De eerste jaargang telt maar 13 nummers. Aanvankelijk bevatte Pep vooral strips uit België en Frankrijk als Ton en Tineke, Kolonel Clifton (Raymond Macherot), Michel Vaillant, Dan Cooper (Edition Lombard), Hoempa Pa (Goscinny en Uderzo) en Kuifje (Hergé), uit de Walt Disney-stal als Spin en Marty, Zorro, Mickey Mouse en Amerikaanse cartoons als Pietje Pech, Flippie Flink en Bartje.


Met nummer 1 van 1970 was er een nieuwe formule: nieuwe kop, een dikker blad (van 32 naar 48 pagina’s) en vooral meer aandacht voor Nederlandse tekenaars. Agent 327 van Martin Lodewijk en De Generaal van Peter de Smet maakten in Pep hun debuut. Andere belangrijke bijdragen werden geleverd door Dick Matena ( De Argonautjes ), Fred Julsing ( Wellington Wish ) en Willy Lohmann ( Kraaienhove ). Naast strips bevatte Pep ook korte verhalen; een deel daarvan was geïllustreerd door Hans G. Kresse. Verder was er een brievenrubriek, advertenties, puzzels, interviews, informatieve artikelen over uiteenlopende onderwerpen (o.a. popartiesten), “uithalers” en “pepplaten” (centerfolds). Vanaf nummer 6 van 1972 werd als uitgever vermeld Oberon BV in Haarlem. Vanaf 3 oktober 1975 ging Pep samen met “Sjors weekblad” en heette daarna “Eppo”.
***************************
Uit: Algemeen Dagblad van donderdag 17 april 2008
|
klik op foto voor volledig artikel

Walt in Wonderland 2000, Johns Hopkins University Press/Russell Merrit, J.B. Kaufman Walt Disney’s Mickey and the Gang: Classic Stories in Verse (Vintage Magazine Art 1934-1944) 2005, David Gerstein, Gemstone Walt Disney’s Silly Symphonies: A Companion to the Classic Cartoon Stories 2006, IndianaUniversity Press/Russell Merrit, J.B. Kaufman

Uit: Algemeen Dagblad zaterdag 20 juni 2009



