Biografie: Veen
- Home
- Annuals
- Biografieën
- Alka
- Berbers
- Bouhuys
- Carvalho
- Dixhoorn
- Doeve
- Dorenbosch
- Gerding
- Goris
- Grosman
- Helfensteijn
- Herson
- Hulsebosch
- Jansma
- Korthals Altes
- Kresse
- Lap
- Leeuwen van Bierenbosch
- Löbler
- Lutz
- Macrander
- Marée
- Meer van der
- Schermele
- Stempels
- Stork
- Veen
- Vet
- Vollewens
- Vollewens-Zeylemaker
- Vos
- Wanrooij
- Wesseling
- Wijdeveld
- Wijnand
- Worm
- Zipper
- Zonderland
- Diversen
- Jeugdboeken
- Kerstboeken
- Schaduwbeelden
- Strips in winterboek
- Tentoonstellingen
- Teulings’ Drukkerijen
- Vakantieboeken
- Walt Disneyboeken
- Week in Beeld
- Winterboekencovers
- Winterboekenhistorie
- Te koop en Linken
- Contact

Veen, Teunis (Teun) van der (1902-1991) was vanaf de oprichting in 1947 lid van de Zwolse kunstenaarsvereniging Palet. Van der Veen tekende een aantal boeken voor uitgeverij Van Goor en Zonen in Den Haag, waaronder in 1935 Pas op, Toontje! en Vier jongens op vacantie.
In 1937 en 1938 verschijnen de deeltjes 7, 8, 9 en 10 van de 10-delige Piet en Nelserie van Leonard Roggeveen (1898-1959). De eerste zes delen werden door Rie Cramer getekend. Ook bij Waanders en Erven J.J. Tijl in Zwolle verscheen een aantal boeken met zijn illustraties.





Een aantal prenten in deel 1 van de schoolboekjesserie “Open Vensters”, vanaf 1935 uitgegeven door H. ten Brink UitgeversMij in Meppel is getekend door Teun van der Veen. Alle overige illustraties zijn van Jaap Veenendaal.


De twee nieuwjaarskaarten stammen uit 1948 en 1953.


Boek over Teun van der Veen bij Het Palet ten doop
Teun van der Veen (1902-1991) was een van de bekendste Zwolse kunstenaars van de twintigste eeuw, bovendien een der oprichters en erelid van Het Palet. Op zaterdag 12 april 2008 zal in Galerie De Zwolse School een boek over hem ten doop worden gehouden. Teun’s zoon Willem (1932), die veertig jaar als journalist bij de Zwolse Courant werkte, beschreef het leven van zijn vader op de toegankelijke manier die hem eigen is. Ook verzamelde hij meer dan 150 afbeeldingen van zijn vaders werk, waardoor het boek een kleurrijk beeld geeft van een man die zich van jong schildersknechtje in het bedrijf van zijn vader ontwikkelde tot een populaire figuur in de Zwolse samenleving. Alleen het noemen van zijn voornaam was in Zwolle vaak al genoeg om te weten over wie men het had. Daarom luidt de titel van het boek ook “Teun”, met daaronder de aanvulling “Het lange leven van een Zwolse vakman in de kunst”. Teun van der Veen bereikte zijn bekendheid niet alleen door zijn grote veelzijdigheid in het beeldende vak, dat zich uitstrekte van artistiek hoogwaardig werk tot commerciële arbeid, maar ook door de sociale rol die hij in de stad Zwolle vervulde. Hij nam culturele initiatieven, bedacht evenementen, richtte in 1947 samen met o.a. Han Douma de kunstenaarsvereniging Het Palet op, hielp het verenigingsleven met zijn talent en gaf ook nog les aan twee middelbare scholen. Door de jaren heen bezette Teun van der Veen een van de ateliers in de verschillende onderkomens van Het Palet, eerst (vanaf 1947) in het Hopmanshuis, daarna in de Broerenkazerne en tenslotte – tot vlak voor zijn dood in 1991 – op de bovenverdieping van het voormalige Sophia Ziekenhuis. Daar groeide zijn artistieke stulpje uit tot een soort van sociëteitje, waar hij elke dag bezoek ontving van collega’s, vrienden, oud-leerlingen, opdrachtgevers of mensen die zomaar een babbeltje kwamen maken. De presentatie van het boek zal worden opgeluisterd door een expositie op zaterdag 12 april. Er worden daar ongeveer 25 werken uit particulier bezit getoond. U kunt de tentoonstelling bezoeken van 12.30 uur tot 17.00 uur. Vanaf dat moment liggen tekeningen, losse schetsen e.d., die zich nog in familiebezit bevinden, op zondagen (behalve 11 mei – Pinksteren) t/m 25 mei ter inzage en verkoop in de galerie.
Kunstenaar met een kleine k
door Marion Groenewoud. vrijdag 04 april 2008 | 03:08
Er zijn talloze boeken en tekeningen met personages waarvoor hij model heeft gestaan. “Dat ben ik”, wijst hij op een kleine jongen onderuit gezakt op een stoel en verdiept in een boek. “Zolang ik mocht lezen, vond ik alles best”, grijnst Willem van der Veen.
Maar hij laat ook actievere poses zien. “Hier moest ik op mijn kop in een kolenpot en daar val ik languit achterover. Ik vond het nooit erg. Het gebeurde tussen de bedrijven door.” Zijn vader, de kunstenaar Teun van der Veen, was veel thuis maar werkte voortdurend. “Ik kan me nauwelijks echte gesprekken herinneren”, zegt Van der Veen. “Ik heb als kind nooit met mijn vader uitstapjes gemaakt. Hij sprak altijd vanachter zijn tekentafel of ezel tegen ons. Dat waren meestal voor de handliggende dingen.”
In het boek ‘Teun, het lange leven van een Zwolse vakman in de kunst’ worden enkele ruzies gememoreerd die snel stokten omdat Teun geen tegenspraak duldde. Ook niet toen zoon Willem volwassen was. “Je praatte meestal tegen een muur. Het was een eigenwijze man.” Het boek is vooral geschreven als herinnering aan zijn vader. Maar het is tevens het levensverhaal van een bekende Zwollenaar. Slechts een jaar woonde Teun in Amsterdam en deed pogingen in een artistiek milieu terecht te komen. Toen dat niet lukte, kwam hij linea recta terug naar Zwolle waar hij tot zijn dood bleef wonen onder de Peperbus. De revues die zoon Willem van der Veen enkele jaren schreef en uitvoerde, waren ook getiteld: ‘Onder de Peperbus’. Van der Veen junior woonde een jaartje in Leiden maar is eveneens zijn leven lang in Zwolle blijven wonen. “Ik ben niet zo gehecht aan deze stad als mijn vader. Hij kon echt niet zonder”, zegt de oud-journalist van de Zwolse Courant die diverse boeken en publicaties schreef over de historie van de Overijsselse hoofdstad. “Iedereen kende Teun. Het was een charmante, flamboyante man. De vrouwen waren gek op hem.” Van der Veen suggereert heel subtiel een buitenechtelijke verhouding. Met de katholieke non in burgerkleding, Rose van Koolwijk. Teun werkte nauw samen met deze kunstzinnige dame. En zij was het ook die hem verzorgde na de dood van zijn vrouw. “Ik weet niets over een seksuele verhouding. Hij was geliefd bij alle vrouwen. Met Rose had hij een bijzondere band. Ze waren veel bij elkaar maar het interesseerde me niet. Voor mijn moeder was het niet gemakkelijk; al die vrouwen als vliegen rond de stroop.”
Van der Veen senior haatte kunst met een grote K. “Vooral abstract werk was een doorn in zijn oog. Soms uit pure wrok maakte hij een zogenaamd abstract schilderij om aan te tonen hoe gemakkelijk het was”, vertelt zijn zoon. Nu nog hangt er zo’n door hem vervaardigd en verafschuwd kunstwerk in het Stedelijk Museum, beneden in de hal. “Mijn vader maakte het liefst portretten. Dat deed hij ook voor weinig geld.” Om een inkomen te verwerven werkte Teun dertig jaar als tekendocent, voornamelijk aan de MTS. En al jong ontwierp hij grote hoeveelheden logo’s en advertenties voor de regionale middenstand. “Mijn vader rondde soms werk af in aanwezigheid van de opdrachtgever. Dan had hij een stok achter de deur, anders bleef het liggen.” Ook voor de Zwolse Courant – toen Provinciale Overijsselsche en Zwolsche Courant – maakte hij jaren tekeningen bij journalistieke verslagen. Voor Willem van der Veen was het hoofdstuk over Teuns NSB-lidmaatschap niet lastig. “De onaangename dingen stonden zo op papier. Feitelijk, zoals het was. Ik wilde het niet mooier maken maar ook niet erger. Deze zwarte bladzijde hoort bij zijn leven en zegt iets over zijn karakter. Mijn vader was autoritair en zeer autoriteitsgevoelig.” Teun had openlijke sympathieën voor de Duitsers. Terwijl de jonge Willem op zijn landkaartje de opmars van de geallieerden bijhield, sprak Teun over de economische daadkracht van de Duitsers. Toen de kunstenaar echter in 1943 een oproep kreeg voor een Duits werkkamp wist hij zich geen raad. Een Zwolse middenstander van wie Willem van der Veen de naam niet noemt, adviseerde Teun lid te worden van de NSB. “Ik rakel deze geschiedenis voor mezelf op. Dat ga ik natuurlijk niet doen voor de nazaten van deze man.”
Na de oorlog werd de kunstenaar naar een strafkamp in Marknesse gestuurd. Willem fietste er als dertienjarige jongen met zijn moeder naar toe. Ze brachten contépotloden mee. Ruim 35 kilometer heen en terug over de kale polderwegen. “Ik was niet kwaad op hem maar ik schaamde me wel. Het was mijn eerste jaar op de hbs. Ik heb het angstvallig verzwegen.” Teun vermaakte zich echter goed in het kamp. “Hij tekende in zijn vrije tijd gevangenen en bewakers. Nee, hij leed er niet onder”, glimlacht Van der Veen. “Ik ben er vier keer geweest. Hij zag er slank uit en droeg ineens een snor. De gevangenen woonden in barakken in de klei. Maar mijn vader had zoals gewoonlijk alles onder controle.” De Zwolse kunstenaar werd vrijgesproken tijdens een tribunaal aan de Blijmarkt. “Hij was nooit lid geweest van de Kulturkammer en had geen andere strafbare feiten begaan. We hebben er nooit met hem over gesproken. Ook later niet. Zijn leven ging door; hij kreeg meteen van alle kanten weer werk.” Het boek ‘Teun’ is geen eerbetoon. “Beslist niet. Mijn vader heeft tijdens zijn leven gelukkig genoeg aandacht gekregen. Iedereen liep met hem weg. Hij ontving regelmatig onderscheidingen. Als hij zich niet met de NSB had ingelaten, had hij vast en zeker een koninklijk lintje gehad”, denkt Van der Veen. Dat er volgende week slechts een eendaagse expositie komt, vindt hij prima. “Een grote overzichtstentoonstelling was leuk geweest. Met al zijn werk, ook de journalistieke tekeningen”, mompelt de oud-kunstjournalist gelaten. “Maar het kost veel geld om alles in te lijsten en te verzekeren. Subsidie? In Zwolle is nooit veel belangstelling geweest voor eigen cultuur. En zelf wil ik het allemaal niet teveel opblazen.”
- ‘TEUN, het lange leven van een Zwolse vakman in de kunst’, verteld door zijn zoon Willem van der Veen, Uitgeverij Waanders. Boekpresentatie zaterdag 12/4, Kunstenaarsvereniging Het Palet, Rhijnvis Feithlaan, 11.00 uur. Vanaf 12.30 eendaagse expositie Teun van der Veen.

